De Groote brandnetel

Nederlandse naam: Grote Brandnetel, Latijnse naam: Urtica dioica, vindplaats: houtzagerssingel 13 05 2016

Brandnetels, want ja er komen in ons land twee soorten voor, de Keine brandnetel, Urtica urens, en de Groote brandnetel, Urtica dioica, zijn van die planten waar we in de loop der jaren een hekel aan hebben gekregen.
Ze zijn opdringerig komen overal op waar je ze niet wil hebben, maar bovenal ze steken.
Toch is de plant niet altijd zo verguisd als nu.
De plant is zeer voedzaam en hij word dan ook al duizende jaren gegeten,
De Germanen associeerde de plant met Thor, god van de donder.
Volgens Plinius was de Brandnetel voor vele volkeren een heilige plant, die bij voorkeur geplukt werd tijdens het joelfeest.
Al lijkt me dat ietwat onwaarschijnlijk aangezien dit feest gevierd werd rondom nieuw jaar.
Dioscorides beval de plant aan bij kankerachtige gezwellen en zweren.
Het is moeilijk te geloven maar Romeinse soldaten wreven zichzelf als ze in het noorden van Europa gestationeerd waren in met brandnetels als middel tegen de kou.
Het alfabet van Galen een middeleeuws geschrift waarvan de vroegste versies uit de 7e eeuw stammen heeft het eveneens over de opwarmende eigenschappen van de brandnetel.
Helemaal uit de lucht gegrepen zijn deze verhalen niet.
Brandnetels bevatten veel histamine, dat zorgt voor een verwijding van de bloedvaten, en zodoende voor een opwarming van de ledematen.
Voor dat vlas in Europa algemeen geteeld werd werden brandnetelvezels gebruikt om stof te produceren dat neteldoek genoemd werd.
Tot in de 19e eeuw was het in algemeen gebruik.
Buiten zijn rijke geschiedenis is de Groote brandnetel ook een belangrijke waardplant voor ongeveer 50 soorte vlinders
waaronder de atalanta, dagpauwoog, distelvlinder en gehakkelde aurelia.
Het loont dan ook de moeite om een klein plekje in de tuin te reserveren voor deze fascinerende plant, al was het alleen maar voor de vlinders.


%d bloggers liken dit: